Goed gesprek?
Je kunt je afvragen of het altijd nodig is dat er voor een goed gesprek sprake moet zijn van twee-richtings verkeer.
Tijdens het boodschappen doen liep ik een bekende tegen het lijf. Of hij mij eigenlijk. Enthousiast werd ik begroet met de vraag: “Ben je al op vakantie geweest of ga je nog?” Ik antwoordde dat ik nog op vakantie zou gaan. Gek genoeg verwachtte ik een vervolgvraag. Iets in de trand van: “En wanneer ga je?” Maar er kwam geen vraag. Bovendien deed de uitdrukking op het gezicht van de man vermoeden dat mijn antwoord op zijn eerste vraag op geen enkele manier tot hem was doorgedrongen. Zijn vraag was een sprongetje geweest van zijn eigen duikplank als startschot om los te kunnen gaan. “Nou, ik ga morgen. En dan gaan we naar … blablabla … en dan verblijven we … blablabla … maar we gaan eerst via … blablabla … en daar hebben we dan … blablabla …” In een poging om nog iets van een uitwisseling in het gesprek tot stand te brengen vroeg ik: “En, gaat het hondje ook mee?” “Nee, het hondje gaat naar de kennel want … blablabla … en dat is duur hoor want … blablabla … maar ja dat hoort bij de reis zeg ik altijd maar. Nou, ik zie je daarna weer. Doei!” En vrolijk lachend wendde de man zich af en liep weer door.
Ik denk dat als je hém zou vragen of hij een goed gesprek heeft gehad, dat hij dan volmondig “Ja!” zou zeggen. Ik stond vooral bij te komen van de woordendouche die over me was uitgestort, enigszins in de war en me afvragend of ik wel een gesprek had beleefd.