Berichten in ‘groei’
Een boeiend gesprek
“Mam, wat heb jij allemaal gedaan toen ik op school was?”
Mijn zoon van 10 stelt me deze vraag als we samen zitten te eten. Vrolijk begin ik te vertellen over wat ik zoal in die uren heb gedaan. Hij luistert naar me en zegt dan: “Ja, want ik wil leren hoe je een boeiend gesprek moet voeren. Daarom vraag ik dat. Meestal beginnen anderen tegen mij te praten. Of zeggen ze alleen ja of nee. En dan duurt een gesprek heel kort.”
Ik merk dat zijn vraag me ontroert. En natuurlijk raakt hij mij met zijn vraag in mijn trainershart. Met plezier leg ik hem uit wat het verschil is tussen een open en een gesloten vraag. Ik vertel hem dat mensen vaak liever praten dan luisteren. Dus, dat als hij vragen gaat stellen, er dan vanzelf een boeiend gesprek komt. Als een spons zuigt hij de informatie op. Omdat hij een beelddenker is, zet ik voor hem ook nog even de ‘billetjes op het hekje’. Ik teken een grote hoofdletter H (het hekje) met op de lijn een verzameling w’s (de billetjes). Zo, dat vergeet hij nooit meer!
We praten en eten en als ik hem aankijk, zie ik een enorme big smile op zijn gezicht verschijnen. “Mam, waarom ben jij eigenlijk zzp-er geworden?” vraagt hij glunderend. Ik kijk hem aan en zeg hem dat het een mooie vraag is en dat ik benieuwd ben naar de reden van zijn glunderende lach. “Nou, ik ben aan het oefenen met een boeiend gesprek.”
Deze knul is 10 jaar oud en schiet in twintig minuutjes door de hele Kolb. En hij stapt van bewust onbekwaam naar bewust bekwaam nog voor het toetje. Ik ben trots op hem en als ik een knuffel van hem krijg met een “bedankt mam” ook op mezelf. Zo’n mooi kind, daar ben ik toch maar mooi de moeder van!
Slechts 10 minuten
Zaterdag 16 juni zat ik een hele dag in de Julianazaal van de Jaarbeurs in Utrecht en beleefde daar een dag van Open Circles Academy. De dag ging over Elements of Success. We kregen een spiegel voorgehouden en er waren ook een hoop handige tips en trucs. Eén van die tips was om datgene wat je graag wilde doen, maar waar je maar niet toe komt, op te knippen in kleine stukjes. Waardoor ze makkelijker te bereiken zijn en je jezelf dus voedt met succeservaringen. Vanuit dat succes zul je het vanzelf langer en vaker gaan doen. Als je bijvoorbeeld meer wilt gaan sporten, dan kun je dat beter elke dag 10 minuten gaan doen, dan dat je jezelf voorneemt om voortaan elke week drie keer naar de sportschool te gaan. En om tips meteen in daden om te zetten, kregen we de opdracht om onszelf aan iets te commiteren. Iets wat we graag doen, maar wat we steeds maar niet doen of te weinig doen. En nu zit ik hier dus. Op de bank met een kop thee, mijn schrift en mijn pen en een eierwekker die 10 minuten aan het aftellen is. Ik zit te schrijven. Want dat is wat ik veel meer wil doen. De hele dag heb ik met deze 10-minuten-opdracht in mijn hoofd rondgelopen. En ik kwam meteen al mijn belemmeringen tegen. Suffe gedachtes als “Je moet je er nu wel aan houden, anders ben je geen knip voor de neus waard!” en “Als ik dan … piep piep piep *… ga schrijven, dan moet het ook wel een perfekt stuk worden.”
* … piep piep piep …, de eierwekker loopt af. Het is me dus gelukt om het te volbrengen! En zoals beloofd heb ik er inmiddels zoveel plezier in gekregen, dat ik als vanzelf langer doorga.
Met een glimlach heb ik alle gedachtes langs laten komen en bedacht me dat, als ik gewoon zou gaan zitten en zou gaan beginnen met schrijven over wat deze opdracht voor effect op me had, dat er dan vanzelf een verhaal op papier zou komen. Als het gaat om het oogsten van succeservaringen, dan zit de kracht in de beperking en de eenvoud. Ik heb het nu gedaan. Ik heb nu 10 minuten en meer heerlijk zitten schrijven. En ik heb nu alweer zin in de 10 minuten van morgen! En ik voel me succesvol!
Groeikracht
Mijn tuintje is klein, maar fijn. Ik probeer er wat kleur aan te geven en daarom heb ik op een bepaald moment een middelgrote pot met een fleurige bolchrysant ergens op een hoekje op de aarde gezet. Steeds als ik uit het raam van de keuken keek, dan lachte de bolchrysant me kleurrijk toe. Totdat de winter won en de plant het opgaf. Als ik naar buiten keek zag ik lange tijd een droevige dode struik.
Nu het voorjaar weer kriebelt, wordt het ook weer leuk om aandacht te geven aan mijn tuintje. En omdat ik de uitkijk op de dode struik te droevig vond, heb ik hem uit de pot gerukt en in de kliko gegooid. Lange tijd had ik uitzicht op een pot, in een hoekje op de aarde, zonder struik. Even droevig inderdaad.
Op verschillende plaatsen in mijn tuintje komen de bloembollen weer boven de grond. Ik ben helemaal opgelucht dat ze de strenge vorst hebben overleefd en dat er weer meer kleur in mijn tuintje gaat komen. En ik vond dat ik die droevige lege pot nu ook maar eens moest verplaatsen. Dat zou het uitzicht uit de keuken een stuk aantrekkelijker maken. Ik haalde de pot weg en zag tot mijn verbazing dat er onder de pot blijkbaar bloembollen in de grond zitten. Ondanks het gewicht van de pot en de donkerte waren ze toch dapper gaan groeien. Bleekgele sprietjes hadden zich de grond uitgewurmd. Klaar om, mochten ze de kans krijgen, hun kleur aan mijn tuintje toe te voegen. Ik was verbaasd en verwonderd over zoveel oprechte groeikracht. En binnen een paar minuten richtten deze eerst nog zo platte, bleekgele sprieten zich op tot krachtige, rechtopstaande, trotse stengels. “Ons krijg je niet klein!”, hoorde ik ze bijna roepen. Ze hebben er helemaal zin in om hun aandeel aan de lente te gaan leveren. Het lijkt me goed om een voorbeeld te nemen aan deze dappere groeikracht. Weg met de druk en de donkerte. Op naar het licht en heel veel kleur.